IJsmassa op Antarctica krimpt niet meer omdat het er meer sneeuwt dan vroeger, maar is dat goed nieuws?
In dit artikel:
Satellietmetingen van ESA en het KNMI tonen dat de totale ijsmassa van Antarctica, na een daling sinds 2002, sinds ongeveer 2020 niet langer netto afneemt maar stabiliseert en tussen 2020–2024 zelfs met naar schatting ~68 gigaton per jaar kan zijn toegenomen. De hoofdverklaring in een studie (Nature Communications, hoofdauteur Marlen Kolbe) is een sterke toename van sneeuwval in delen van het continent, veroorzaakt door frequentere en intensere "atmosferische rivieren" — lange stroken vochtige lucht die grote hoeveelheden waterdamp over lange afstanden transporteren en als neerslag lossen op Antarctica.
De grootste sneeuwtoenames gelden vooral het Antarctische schiereiland, Queen Maud Land en Wilkes Land; op kaarten van ESA kleuren deze regio’s blauw (stijging), terwijl andere zones nog steeds massa verliezen (rood). De toename van atmosferische vochtigheid hangt samen met de opwarming van de aarde: volgens het Clausius‑Clapeyron‑principe kan de lucht per graad opwarming zo’n 7% meer waterdamp vasthouden, waardoor zulke evenementen krachtiger worden.
Het smelten van zee-ijs levert slechts een beperkte bijdrage aan die extra sneeuwval — ESA schat het aandeel op ongeveer 11% in de winter en 3% in de zomer — wat betekent dat de sneeuwstijging vooral een direct gevolg is van veranderde atmosferische transportpatronen.
Belangrijk is dat deze tijdelijke positieve sneeuwbalans de onderliggende kwetsbaarheid van Antarctica niet wegneemt. Warmer oceaanwater tast ijsplaten van onderaf aan, dunner geworden ijsplaten breken gemakkelijker af en laten landijs sneller in zee wegvloeien. Wetenschappers waarschuwen dat de balans fragiel is: een paar jaren met minder atmosferische rivieren kan het nettoverlies weer laten domineren. Daarnaast kan natuurlijke variabiliteit een rol spelen, en verwacht wordt dat de opwarming op langere termijn zal leiden tot meer gletsjerverlies.
De ontwikkeling is van groot belang: Antarctica herbergt enorme hoeveelheden zoet water en fungeert als een "airco" voor de wereld. Volledige afsmelting zou wereldwijd ruim 50 meter zeespiegelstijging betekenen — een extreem scenario, maar de bevinding benadrukt hoe gevoelig de ijsbalans is voor veranderende atmosfeer en oceaan. Tegelijkertijd vormt dit resultaat een reminder dat korte termijn toename van sneeuwval geen garantie is voor langdurige stabiliteit; beleid dat de uitstoot vermindert blijft cruciaal om de grootste risico’s voor zeespiegel en ecosystemen te beperken.