Eerste zomerse dag is een feit: 25,1 graden in Ell
In dit artikel:
Een lokale "zomerse dag" — een maximum van ten minste 25,0 °C op een officieel meetpunt — is dit jaar precies op het lange‑termijngemiddelde gevallen: 1 mei. Op diverse weerstations, onder meer Hoek van Holland, Eindhoven en Gilze‑Rijen, werd die grens gehaald; langs de Belgische grens werd lokaal zelfs 26 °C gemeten.
Hoewel het zuiden al vanaf maandag ruim 20 °C noteerde en de zon deze week veelvuldig aanwezig was, maakte een stevige noordoostenwind het in open gebieden oncomfortabel. Gisteren draaide de wind naar oost‑ tot zuidoost, waardoor ook de Waddeneilanden hoger uitkwamen dan eerder deze week; elders in het land stegen de tempraturen ruim boven de 20 °C.
Voor vandaag wordt vooral in de zuidelijke helft op grote schaal 25 °C verwacht; het noorden blijft er net onder. Morgen wisselen zon en wolken en ontstaat bij hogere luchtvochtigheid een broeierige middag met maxima van ca. 20 °C in het noordwesten tot 26 °C langs de oostgrens. Vanuit het zuiden trekken later op de dag stevige regen‑ en onweersbuien met kans op hagel en windstoten het land binnen; die buien blussen de warmte weer uit.
Historisch gezien zijn zomerse dagen vaker en vroeger geworden: 30 jaar geleden viel de eerste zomerse dag gemiddeld op 17 mei, nu rond 1 mei. De vroegste lokale zomerse dag ooit gemeten was 29 maart 1968 (Venlo, Gemert). Uitzonderlijke jaren zijn onder meer 2018 (weerstation Arcen: 89 zomerse dagen) en 1947 (Winterswijk en Venlo: 72 dagen).